Terra Field

Blog Jantine Kremer

Oneindige dans

Als mijn ogen rusten op alle tinten blauwgroen grijs van de verre horizon en mijn gedachten overstemd worden door het geruis van de branding, zijn mijn voeten volstrekt gelukkig. Niets scheidt hen van de geribbelde zandbodem, waar de zee zopas nog was. Er is geen plek waar ik liever blootvoets loop dan op een stevig, met zeewater aan elkaar geplakt, golvend zandstrand. Ik moet eraan denken als ik de oppervlaktestructuur bestudeer van de zanderige, stamachtige sculpturen in Heleen Blankens installatie. Omgeven door koelmetalen apparaten, golft er iets, ribbelt er iets op het aaibaar-ogend diep donkerbruin. Het is verleidelijk, maar ik raak het niet aan. Het oogt te fragiel. De regen heeft er wel aan gezeten. In de hoopjes zand rondom de sculptuur heeft het een ritmisch reliëf geslagen.

De verschillende kleuren zand waarmee Blanken haar sculpturen kleurde, groef ze op, enkele tientallen meters bij de plek van haar installatie vandaan. Om het ons te laten zien, gaat ze in haar lange jas en nette schoenen op de knieën en schept ze door tot de verschillende tinten bruin zichtbaar zijn. Voor de oppervlakkige kijker lijkt dit wel heel ver af te staan van de vaak glanzende, hightech installaties die ze maakt. Maar de ervaring van de natuur loopt juist als een rode draad door haar oeuvre. Vanaf haar AV-jaren, als clubs en dance-events haar habitat zijn, gebruikt ze beelden van water, mos, bladeren en nu gaat haar verwondering over natuurwetenschappelijke fenomenen de wereld in als robotachtige objecten en ruimtes en projecties waar je in kan verdwijnen.

Tijdens een eerder bezoek aan haar installatie op de Paltz, noemt Blanken een voor mij onbekend natuurkundig fenomeen. Ik noteer het vluchtig, maar als ik dat later niet meer kan ontcijferen, moet ik op zoek. Natuurlijk vind ik weer van alles. Bijvoorbeeld: eolische saltatie, over de vormende kracht van de interactie tussen zand en wind. Samen zorgen ze niet alleen voor de aangename gestolde kleine golven op het strand, maar door de kracht van eeuwige repetitie zelfs voor wonderlijke vormen van rotspartijen. En denk niet dat de wind alles bepaalt, het is een wisselwerking; samen, tot bergje gevormd, remmen de zandkorrels de wind ook weer af. Een eindeloze dans.

Bij de fascinatie voor de reikwijdte van de zandkorrels zit ik goed; de zandwinning op de Paltz was ooit Blankens vertrekpunt voor Terra Field. De goede term heb ik echter nog niet te pakken, dus mail ik haar. Prompt mailt ze terug. Entrainment, dat is het woord. Een fenomeen in de natuur waar twee of meer onafhankelijk bewegende systemen met elkaar synchroniseren en hun cycli op elkaar afstemmen. ‘It is nature's way of creating harmony, conserving energy, and aligning life with the environment.’

Dat is toch wonderlijk. Hebben we al die jaren gepoogd in paradijzen, tuinen en landgoederen ons menselijk verlangen naar harmonie, orde en welbehagen na te streven, bleek er in de natuur altijd al iets soortgelijks aan de hand te zijn. We zagen het niet. In een interview naar aanleiding van haar project voor de Floriade World Expo in 2022 zegt Blanken: ‘Je moet jezelf kunnen verhouden tot iets dat groter is dan jezelf, tot iets wat je niet helemaal begrijpt. Nu is het bijna consumeren van een ervaring, maar de natuur is helemaal niet voor ons gemaakt. Wij mogen het aanschouwen.’ Ze noemt de chemicus en uitvinder James Lovelock die samen met microbioloog Lynn Margulis eind jaren zestig het idee van de aarde als één groot zelfregulerend systeem introduceert; de Gaia-hypothese. De aarde is niet slechts een locatie voor een verzameling habitatten, maar een entiteit op zich, waarin loops van actie en reactie tussen verschillende systemen de meest gunstige voorwaarden voor leven creëren.  

Ondanks de recente regen is het warm, zelfs op de Paltz. Op aanraden van de wolf ben ik niet bij Terra Field blijven staan, maar op het bankje neergestreken. Het stond er eerst nog niet, maar de toevoeging is geweldig, verzekert de wolf me, terwijl ze een reparatie uitvoert. En dat klopt. Nu ik zit, zie ik niet alleen de beweging in de verticale metalen objecten, maar ook in de twee stille elektromotoren in het midden. En nu ik zit, neem ik meer tijd en dat blijkt een cruciaal onderdeel te zijn van dit werk. Niet omdát het beweegt, maar omdat het traag beweegt. De knikkende trapeziumvormige platen lijken een opwaartse beweging in gang te willen zetten. Vanuit mijn ooghoek zie ik een echo van deze beweging in het deinen van een blad op een mild briesje. Ik blijf heel stil zitten.

In 2026 mogelijk gemaakt door:



Volg PaltzBiënnale